De Bijbel zegt in Efez. 6:11-12 dat je je moet bewapenen. Dat is nodig, want alles wat we in het leven meemaken heeft met strijd te maken. Alleen is het geen strijd tussen vlees en bloed. Dat zou je wel verwachten in je omgang met alle situaties thuis, op het werk of in de kerk. Je kunt een hoop moeilijke mensen tegenkomen op je pad. Maar het gaat niet om die mensen, maar om een strijd in de hemelse gewesten. Met demonen en duivelse machten in de onzichtbare wereld om ons heen.
Het klinkt dramatisch, maar de Bijbel zegt dat we ons er tegen kunnen wapenen. Voel je je zwak, denk je dat je telkens verliest, lukken dingen steeds niet in het leven, ervaar je veel tegenwerking, doe dan wat er staat in vers 10. Je kunt sterk worden door één met God te zijn. En één zijn, betekent intimiteit, vergelijkbaar met wat staat in Gen. 2:24 dat man en vrouw tot één vlees zullen worden. Zo word je sterk op het moment dat je gemeenschap hebt met God, dat je één met Hem bent, intiem met God.

Intimiteit met God is een geweldig principe en heeft alles te maken met tijd. Je zult tijd met Hem door moeten brengen. Dan zal Zijn grote kracht door je heen gaan werken. Net zoals een vrouw, door intiem te zijn met haar man, zwanger wordt van nieuw leven, zo gaat God ook in jou nieuw leven verwekken op het moment dat je intiem bent met God. Dat is een geestelijke realiteit. Dat is ook de reden dat God door Maria heen Zijn kracht wilde tonen, om Zelf op deze aarde te komen. Door intimiteit met de Heilige Geest werd er een Goddelijke Vrucht verwekt in de baarmoeder van Maria, met als gevolg de geboorte van Jezus Christus. God openbaarde Zich door haar leven heen.

Volgens de Bijbel is de vreugde van de Here je kracht (Neh. 8). Omgekeerd geldt ook dat als satan je vreugde kan stelen, dat hij dan je kracht steelt! Hij zal er alles aan doen om dat te bereiken. Maar door één te zijn met de Here, gaat het satan niet lukken.
Om intiem met elkaar te worden besteed je heel veel tijd aan elkaar. Wil je overwinnen in deze lauwe wereld, waarin tegenslagen en misschien ziekte zijn, dan heb je het nodig om intiem te zijn, je sterk te maken in de Here. Die kracht doordrenkt je hele wezen tot in je botten. Overal zal je een invloed op je omgeving hebben, in plaats van dat de boze wereld jou beïnvloedt.
Vergelijk het met een augurk. Een augurk heeft veel tijd doorgebracht in een melange, de smaak van het zoetzuur is ermee doortrokken. Leg je de augurk in water, dan zal na verloop van tijd de augurk toch nog net zo smaken en het water zal zelfs van smaak veranderen.

Daarnaast moet je je bewapenen met Gods wapens (Efez. 6:13 e.v.), dan zal de duivel niet in staat zijn om ons kwaad te doen met zijn slinkse streken. Of zijn, zoals in de Statenvertaling staat, listige omleidingen. De duivel kan je alleen maar leugens verkopen zoals dat God tegen je is, en dat mensen tegen je zijn. Hij draait allerlei zaken om, net zoals bij zijn listige vragen bij de zondeval in Gen. 3:2.
Met hetzelfde gemak gebruikt hij daar mensen voor, vandaar de waarschuwing in Efez. 6:12 dat je niet tegen mensen vecht, al denk je dat wel. Mensen kunnen je op allerlei manieren tegenwerken en je denkt al snel dat die persoon je niet mag of iets wil aandoen. Deze wereld wordt getiranniseerd door een heel leger van duistere machten in de onzichtbare wereld om je heen. Daar ligt dus de strijd. Helaas lukt het satan steeds weer om je voor te houden dat het je buurman, je collega, je man, je vrouw of je broeder in de kerk is, dat zij je vijanden zijn.
Dat lukt alleen bij hen die zich niet bewapend hebben. Want als je door hebt waar de strijd plaats vindt, dan ga je fluitend door elke strijd. Je weet dan dat het niet een persoon is waar je mee van doen hebt, maar dat het iets er achter is. Je hoeft die persoon dus niet te bevechten.
Vanaf Efez. 6:14 en verder wordt uitgelegd hoe die wapens werken als de vijand aanvalt. Dan belooft de Bijbel dat je ongeslagen uit de strijd kunt komen! Lees de instructies! Zo staat in vers 15 dat je schoenen nodig hebt om het goede nieuws, het evangelie, bekend te maken.

Die bereidvaardigheid om te gaan staat ook in Marc. 16:15 Trek de wereld in,’ zei Hij tegen hen, ‘en vertel aan de hele schepping het goede nieuws over Mij. 16 Wie het geloven en gedoopt worden, zullen gered worden. Maar wie het niet geloven, zullen worden gestraft.
De reden dat Jezus dit zegt is niet dat je dan met een oordeelsstaf gaat lopen om aan te wijzen wie er wel en niet gestraft gaan worden. Nee, Hij wil alleen het belang benadrukken dat je het goede nieuws deelt. Welk goede nieuws is dat? Dat is dat Hij de zonden van deze wereld heeft weggenomen. Lees 1 Kor. 15:3 Het belangrijkste van het goede nieuws dat ik heb ontvangen en u heb doorgegeven, is dit: Christus is voor onze zonden gestorven, zoals voorzegd is in de Boeken.

Wat deed Jezus bijvoorbeeld? Lees Luc. 14: 1 Op een sabbat ging Hij bij een vooraanstaande Farizeeër thuis eten.
Jezus gebruikte de maaltijd vaker met anderen, omdat Hij wist dat je daarmee makkelijker een connectie met mensen maakt. Hij manifesteerde Zich niet als een onaantastbare rabbi, maar wilde op gelijk niveau met Zijn omgeving praten. De belofte uit Openb. 3:20 is daarom helemaal niet vreemd: Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop. Als iemand Mijn stem hoort en de deur opent, zal Ik bij hem binnenkomen en de maaltijd met hem gebruiken, en hij met Mij (HSV). Dus wil je het Goede Nieuws brengen, nodig mensen uit en organiseer een maaltijd en heb gemeenschap met ze: spreek met ze van hart tot hart. Niet om te veroordelen, maar om te vertellen dat Hij is gekomen om je zonden weg te nemen. God is een God van herstel, die ons ook wil bekwamen om de strijd te kunnen winnen. Hij is vóór je en niet tegen je. Hij houdt van je en wil je gebruiken om tot zegen te zijn voor vele mensen.

Luc. 14:2 Zij hielden Hem daar goed in het oog, want er was iemand bij Hem komen staan die last van waterzucht had. Wij zouden tegenwoordig zeggen oedeem, iemand houdt vocht vast in het lichaam door wat mogelijk een hartprobleem was. Ze hielden Hem in de gaten omdat het sabbat was, een dag waarop je niet mocht werken.
Luc. 14: 3 Jezus vroeg aan de Farizeeën en bijbelgeleerden in dat huis: ‘Mag men volgens de wet van Mozes iemand op de sabbat genezen of niet?’ 4 Zij zwegen in alle talen. Jezus nam de zieke man bij de hand, genas hem en liet hem gaan. Daarna keek Hij hen weer aan en zei: ‘Als uw zoon op een sabbat in een put valt, haalt u hem er toch ook uit? En een koe laat u er ook niet in liggen.’ 6 Ze wisten niet wat ze moesten antwoorden.
Jezus demonstreert hier Zijn onvoorwaardelijke liefde. Ondanks dat Hij de Heer van de sabbat is, kan Hij daar van afwijken als het om mensenlevens gaat, als het gaat om herstel. Op dezelfde wijze wil God je gebruiken naar mensen toe. Laat daarom al je religieuze overtuigingen los, en alle vooroordelen hoe je denkt dat het zou moeten. Oordeel niet, maar laat je liefde naar mensen toe stromen. Kijk hoe Jezus continue onderweg was om de noden van mensen om Hem heen op te lossen. Dit is in essentie waar het om gaat bij het evangelie. Stel je leven beschikbaar in Zijn hand.

God wil ons in alles laten overwinnen. We zijn niet bedoeld om het onderspit te delven. Waar je ook doorheen gaat, God is er bij en wil je er sterker uit laten komen. Arenden gebruiken een storm om hogerop te komen. Als je maar weet waar je mee te maken hebt en hoe je de strijd moet voeren. Als je verder kijkt dan de mensen om je heen en je focust om Hem, je wordt intiem met Hem, dan gaat Zijn kracht door je heen werken en ga je anders naar mensen en je omstandigheden kijken. God wil je altijd helpen om de juiste keuzes te maken.

Overal waar Jezus kwam, infiltreerde Hij in de wereld. Hij was een vriend van zondaren zegt de Bijbel in Matt. 11:19b (NBG). Hij kende de gewone man op straat, en kwam op plekken waar de meeste van ons niet gaan en Hij at met ze. Hij zou meer in het winkelcentrum te vinden zijn dan in de kerk, want Zijn hart gaat uit naar de verloren mens.
Misschien denk je dat jij dat allemaal niet kunt en durft. Maar waar je ook staat in het leven, God ziet het met je zitten. Je kunt altijd opnieuw beginnen met Hem. Hij is geen “aannemer des persoons”, dus wie je ook bent vandaag, je bent man of vrouw, je bent jong of oud, je dient God wel of niet, je kent de Bijbel wel of niet, dat maakt allemaal niet uit. Hij zoekt mensen die intiem met Hem willen zijn vanaf vandaag.
Hij is niet alleen de God van Abraham, de man van geloof, maar ook van Izaäk, de gehoorzame man van vreugde, en zelfs van Jacob, de bedrieger, die een groot deel van zijn weg door het leven gebaand heeft met zijn ellebogen.
Lees Gen. 32:22-32; Uiteindelijk heeft Jacob een ontmoeting met God; hij is intiem met God. Niet in harmonie, maar hij worstelde een hele nacht met God. Uiteindelijk sloeg God op zijn heup, waardoor Jacob voortaan kreupel door het leven moest. Maar Jacob wilde niet loslaten tenzij hij een zegen kreeg. En God zegende hem en zijn naam en status werd gewijzigd van Jacob de bedrieger naar Israël, de God die heerst. Ondanks dat noemt God Zich nog steeds de God van Abraham, Izaäk en Jacob. En niet de God van Abraham, Izaäk en Israël.

In Efez. 6 staat eigenlijk ook dat je net zo lang intiem moet blijven, totdat je Zijn kracht hebt ontvangen. Laat niet los voordat je Zijn zegen hebt ontvangen. Dat kost tijd. Het ligt niet voor de hand dat je er met een kort gebedje bent. Lees in Psalm 131, waarin David zijn positie aangeeft tegenover God. Hij wist dat zijn succes te maken had met intimiteit met God, als een kind bij de moederborst. Zoek dus niet je heil in een vlucht voor, of het willen aanpassen van, je omstandigheden. Begin bij God.
Het maakt niet uit hoe je leven is geweest, je kunt altijd opnieuw beginnen. Hij zal je altijd sterken. Je kunt komen zoals je bent. Het hoeft niet in de kerk, het mag ook thuis. Je bent altijd welkom.

Bij de discipelen werkte het ook zo, lees Joh. 20 vanaf vers 19. Jezus was opgestaan uit de dood, en verscheen plotseling aan de discipelen. Helaas was Thomas daar toen niet bij. De eerstvolgende keer dat de discipelen hem zagen, vertelden ze hem wat er gebeurd was. Thomas nam daar geen genoegen mee en wilde meer bewijs dan hun getuigenis. Hij zei zelfs “Pas als ik de wonden van de spijkers in zijn handen zie en met mijn eigen hand voel dat Hij een wond in zijn zij heeft!” En acht dagen later is het zover. Jezus verschijnt opnieuw en loopt rechtstreeks naar de ongelovige Thomas toe. Jezus kon heel goed begrijpen dat Thomas moeite had met Zijn opstanding en moedigde hem aan om zichzelf nu te overtuigen. Het was geen verwijt aan Thomas, maar een actie van mededogen, en met empathie liet Hij zien dat Hij het toch echt was. En zo zegt Hij het ook tegen jou en mij. Misschien is het in je leven niet zo gegaan als je gedacht had of ben je teleurgesteld geraakt in God of in mensen. Maar God zegt rechtstreeks tegen je vandaag dat Hij er nog steeds is. Hij houdt nog steeds evenveel van je en je kunt nog steeds opnieuw beginnen samen met Hem. Hij benadert constant mensen om ze te roepen.

Die persoonlijke aandacht gaf Hij ook aan Petrus, die hem nota bene na 3,5 jaar intensief onderwijs verloochende. Eerder had Petrus uit hoogmoed geroepen dat Hij Jezus nooit zou verlaten (Matth. 26:33-35). Maar puntje bij paaltje faalde hij jammerlijk. Stel je voor, alsof je man, je vrouw, je kind of je beste vriend na 3,5 jaar meerdere malen en onder het uiten van een vloek beweert dat hij of zij je niet kent, juist op het moment dat je het moeilijk hebt. Nadat de haan drie keer had gekraaid wist Petrus dat hij grondig gefaald had (Matth. 26:69-75). Hij kreeg ook niet meer de kans om de Meester te spreken vóór Zijn kruisdood. Petrus viel zichzelf zo tegen dat hij na alle gebeurtenissen maar weer ging vissen.
Tot de beroemde zondagochtend, waarop Maria Magdalena van de engelen hoort dat Jezus leeft. Ze kreeg de opdracht “Maar gaat heen, zegt zijn discipelen en Petrus, dat Hij u voorgaat naar Galilea” Marc 16:7 (NBG). Hoezo, zou je zeggen. Petrus is toch ook een discipel? Maar Jezus wist dat Petrus zijn hoop vrijwel had verloren, zijn schuldcomplex was enorm groot. Jezus wist dat Petrus extra aandacht nodig had. Dat is de stijl van God. Al heb je Hem verloochend en voor je gevoel teleurgesteld, Hij wil altijd persoonlijk naar je om kijken.
Hij wil dat je intiem met Hem wandelt. Niet dat Hij het van je eist, maar omdat je vol moeten zijn van Hem, wil je in dit leven overwinnen.

Mediteer op Efeze 6 om te kunnen begrijpen wat er staat. Alles wat zich in de niet zichtbare wereld afspeelt heeft geen effect op je als je Gods principe volgt. Je hoeft ook niet bang te zijn. De reden dat we ons toch vaak zwak of geïntimideerd voelen is dat we verzuimen om de intimiteit met God te zoeken. We gaan gelijk oplossingsgericht denken en reageren bij problemen in plaats van ons terug te trekken. We moeten dan juist naar God gaan en vragen om wijsheid en inzicht. Om onze frustratie en pijn weg te laten halen en van binnen veranderd te worden. Vanaf dat moment kijk je anders naar de wereld om je heen.

Luc. 14:25-26a Er kwamen heel veel mensen naar Jezus toe. Op een gegeven ogenblik draaide Hij Zich om en zei: 26 ‘Wie bij Mij wil horen, moet meer van Mij houden dan van zijn vader, moeder, vrouw, kinderen, broers en zusters.’
Waarom doet Jezus hier zo moeilijk? Hij zegt hier eigenlijk “als je echt leven wil hebben, vind dan Mij belangrijker dan wie dan ook; als je Mij op de eerste plaats stelt, dan zal al dat andere vanzelf komen”.
En daarom vervolgt Hij in vers 26b Ik moet hem zelfs meer waard zijn dan zijn eigen leven. 27a Anders kan hij mijn leerling niet zijn. Je moet bereid zijn om te zeggen, “hier is mijn leven Heer, ga Uw gang”, anders kan je Zijn discipel niet zijn. Kijk maar in vers 27b Niemand kan mijn leerling zijn als hij niet zijn kruis draagt en Mij volgt. 28a Maar begin er niet aan als u niet eerst hebt berekend wat het u gaat kosten. Bereken de prijs. Ben je bereid die prijs te betalen. En de tekst gaat verder met vers 28b Want wie laat nu een toren bouwen zonder eerst prijsopgave te vragen? Hij moet weten of hij genoeg geld heeft om alle rekeningen te betalen. 29 Anders komt hij misschien niet verder dan de fundering. Iedereen zou lachen en zeggen: 30 “Heb je dat gezien? Die man begon te bouwen en moest halverwege ophouden, omdat hij niet genoeg geld had!
Tot slot in vers 33 Daarom kunt u, als u geen afstand kunt doen van al uw bezit, nooit mijn leerling worden. Als je Jezus echt wil volgen, als je de kracht van God echt wil zien manifesteren in je leven, dan moet je komen op een punt dat je zegt “Here, zegt U het maar, mij maakt het niet meer uit; ik ga niet meer vasthouden aan de mij vertrouwde dingen, maar ik ga U geloven”. En wat je dan krijgt is in vers 34 Zout is goed. Maar als het zijn kracht verliest, hoe moet je het dan smaak geven? Dus zout kan zijn smaak verliezen, vooral door teveel verdund te worden. Als we even terugdenken aan het verhaal met die augurk, en je blijft de bak met water steeds verversen, dan zal op de lange duur de augurk zijn smaak verliezen. Maar als die augurk tussendoor steeds teruggaat naar de “intimiteit” van het oorspronkelijke potje zoetzuur, dan zal hij zijn smaak behouden.
Hetzelfde geldt voor jou en voor mij. Wil je zoutend zout blijven, dan moet je dicht bij God blijven wandelen. Zout is ook het typebeeld van conservering, en ook jouw invloed zal dan conserverend zijn. Mensen gaan zich beter voelen als ze bij je in de buurt zijn. Mozes wandelde zo dichtbij God dat zijn kracht aan het eind van zijn leven niet was afgenomen (Deut. 34:7). Strek je uit naar intimiteit met God, dan zul je merken dat God daadwerkelijk Zijn beloftes nakomt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: